April 2013 stond ik gevoelsmatig op de top van de Mount Everest en verklaarde sterk en gelukkig te zijn. Wie "de Goden verzoekt" krijgt gehoor en ik kukelde van de berg met borstkanker 2.0. Ik bleef overeind en vond mijn weg terug naar de top. Ik besloot voortaan uit de wind te blijven. Tijdens Covid-19 blijkt het leven bar saai te worden. Borstkanker 3.0 klopt ongevraagd aan. Maar nu zijn er uitzaaiingen ...
Posts tonen met het label relativeren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label relativeren. Alle posts tonen
woensdag 31 juli 2013
Positieve insteek - realist of romantica
Sinds mijn
diagnose borstkanker 2.0 kom ik veel weblogs van lotgenoten tegen, lang niet
altijd positief. Sommigen zijn zo negatief dat ik liefst volledig afstand neem.
Bij velen beheerst ziekte hun leven. Kanker hebben is ook niet zomaar iets. Het
overvalt je en je kunt het niet de deur uitzetten. Of je wilt of niet, je moet
ermee dealen. Na genezing blijft de angst voor mogelijke terugkeer. Het is
immers geen blindedarm die voor eens en altijd is verwijderd.
donderdag 16 mei 2013
Nooduitgang gezocht!
Niet meedoen
en toch de hoofdprijs winnen. Dat kan er maar één zijn en jawel dat ben ik. Ik
waande me veilig, het zwaard van Damocles was niet gevallen. Tot overmaat van
ramp durfde ik mijzelf ook nog een sterke vrouw te noemen. Het einde van de
tunnel was in zicht. Nu blijkt de uitgang van de tunnel gesloten te zijn. Is er
een nooduitgang? Heb ik de Goden verzocht?
vrijdag 27 april 2012
Over relativeren en klagen
Als ik vroeger klaagde bij mijn moeder dat ik te dik was dan wist zij dat altijd te relativeren met “Ach meid, er zijn toch véél dikkere mensen dan jij!”. Daarmee was de kous af. Ik moest niet zeuren en aangezien ‘elk pondje door het mondje ging’, was het m’n eigen schuld.
Toen ik in 2002, een jaar na het onverwachte overlijden van mijn moeder, net uit een depressie opkrabbelde, bleek ik borstkanker te hebben. Toen dat ‘voorbij was’ kon ik mij enorm irriteren aan ‘klagers’. Klagers, dat zijn mensen die denken dat ze het slecht hebben. Van die vrouwen die bij de zwemles van hun kinderen tegen elkaar lopen te klagen dat hun derde vakantie dat jaar (een weekje Turkije of zo) toch eigenlijk helemaal niet zo leuk was. Het was te warm of het eten was niet zo lekker, of het personeel was niet zo vriendelijk. Dat soort klachten, brrr. Dan moest ik mij beheersen om het niet uit te gillen hoe goed ze het hadden. Als ik vertelde wat me was overkomen, dan werd er geconstateerd dat ik vast een sterke vrouw was geworden door dat alles. Ik voelde me alles behalve sterk, maar goed.
Toen ik in 2002, een jaar na het onverwachte overlijden van mijn moeder, net uit een depressie opkrabbelde, bleek ik borstkanker te hebben. Toen dat ‘voorbij was’ kon ik mij enorm irriteren aan ‘klagers’. Klagers, dat zijn mensen die denken dat ze het slecht hebben. Van die vrouwen die bij de zwemles van hun kinderen tegen elkaar lopen te klagen dat hun derde vakantie dat jaar (een weekje Turkije of zo) toch eigenlijk helemaal niet zo leuk was. Het was te warm of het eten was niet zo lekker, of het personeel was niet zo vriendelijk. Dat soort klachten, brrr. Dan moest ik mij beheersen om het niet uit te gillen hoe goed ze het hadden. Als ik vertelde wat me was overkomen, dan werd er geconstateerd dat ik vast een sterke vrouw was geworden door dat alles. Ik voelde me alles behalve sterk, maar goed.
Abonneren op:
Posts
(
Atom
)
