April 2013 stond ik gevoelsmatig op de top van de Mount Everest en verklaarde sterk en gelukkig te zijn.
Wie "de Goden verzoekt" krijgt gehoor en ik kukelde van de berg met borstkanker 2.0.
Ik bleef overeind en vond mijn weg terug naar de top. Ik besloot voortaan uit de wind te blijven.
Tijdens Covid-19 blijkt het leven bar saai te worden. Borstkanker 3.0 klopt ongevraagd aan.
Maar nu zijn er uitzaaiingen ...
Het bewijs is geleverd. De hoofdhuidkoeling werkt echt en
het is niet alleen mijn verbeelding. Ik trok mijn stoutste en overmoedige
schoenen aan en stapte aan de overkant van de straat de kapsalon binnen van
Daan. Haar moeder woont twee deuren verderop bij ons in de straat.
14 juni 2013
voor de allerlaatste keer geknipt
voordat ik, volgens de voorspellingen, kaal zou worden
nog één keertje "als mijn haar maar goed zit" gevoel
Ik heb Daan al heel lang niet gezien en zag dat ze aanwezig
was. Het is al weer drie maanden geleden dat ik mijn haar voor-de-allerlaatste-keer
liet knippen. Ik dacht “nog één keer mooi zijn voordat ik kaal word”. Zelfs de
haar-specialiste was stellig. Zij had geen vertrouwen in de hoofdhuidkoeling. Ze
had geen succesverhaal meegemaakt. Ze had wel mensen meegemaakt die zelf ‘tevreden’
waren maar als deskundige dacht zij er dan toch wel anders over.
Zo werd ik
half juni voor de allerlaatste keer geknipt en geföhnd (verven mocht al niet
meer). Een paar dagen later onderwierp ik mij op-hoop-van-zegen aan de chemo en
de hoofdhuidkoeling. Een week geleden begon ik met de tweede serie kuren.
Als One Direction had opgetreden, was ze direct naar de Tattoo shop gegaan om een paar handtekeningen te laten vereeuwigen. Pfff, loopt het toch nog goed af.
Vandaag (14 september 2013) moest ik op het laatste moment Merel naar het
station in Eindhoven brengen. De bus reed niet op het tijdstip dat ze met haar
vader had uitgezocht.
Ze is voor het eerst naar een festival. Ze is naar Appelpop
in Tiel met vriendinnen van school. Haar vriendinnen boffen met een meisje
zoals zij. Met een gerust hart laat ik haar gaan. Het moet gek lopen als haar
avonturen in de buurt gaan komen van mijn zottigheden. Het komt wel goed met
haar.
Eerlijk gezegd heb ik geen verstand van festivals en had dan ook nog nooit van Appelpop gehoord. Toen we het programma bekeken, zag ik mijn jeugd voorbij komen. Madness zou er optreden. Ik zocht een filmpje op youtube en liet mijn dochters horen hoe zij ooit "Baggy Trousers" zongen. Met hun reactie voelde ik acuut de jaren tellen. We worden oud. De meiden kwamen niet meer bij van het lachen om de aparte bewegingen van de band.
Op de een of andere manier wordt een onschuldig uitstapje
bij mij al gauw een avontuur met komische, vreemde of zelfs bizarre wendingen.
Ik ben er niet bang voor dat Merel zich ooit net als ik zichzelf opsluit in een pakhuis (Verdwaald in de pijp, opgesloten in een pakhuis.Evenmin zal ze ooit zo suf zijn als haar moeder met vriendin om twee keer dezelfde boot te missen De boot gemist. Ik ben er al helemaal niet bang voor dat ze op een dag, ook al net als haar niet altijd oplettende moeder, bij een vreemde
in de auto zal stappen Carpoolen? Doe mij maar de bus!.
Eén keer heb ik me grote zorgen gemaakt. Toen was mijn meisje onderweg vanuit het zwembad in Eindhoven. Vanaf Veldhoven reed zij op de fiets met een vriendin regelrecht een windhoos in. Maar ook toen liep het goed af. Mijn meisje heeft beduidend handiger genen dan haar moeder: Mama in paniek: Merel in een windhoos.
Nog niet een keer heb ik de neiging gehad om haar te bellen, of een berichtje te sturen. Ik vind haar stoer. Ondanks alle regen is ze gegaan. Ze is geen feestbeest en al helemaal geen party animal. Maar haar vriendinnen verheugden zich er gigantisch op en zij wilde niet afhaken.
Ze is af en toe verstrooid. Onlangs liet ze nog haar gsm in de trein liggen. Een assertief vriendinnetje belde direct haar nummer en legde contact met de eerlijke vinder aan de andere kant van de lijn. Gisteren werd ze aangeklampt door een meisje dat huilend vertelde dat ze haar telefoon in de bus had laten liggen. Merel is de beroerdste niet en belde het nummer van het meisje. Tot grote opluchting ging vervolgens een gsm af in haar eigen tas. Merel vertelde het meisje dat ze mazzel had en dat zijzelf laatst haar gsm in de trein had laten liggen maar vertelde er wel bij dat ook dat goed was afgelopen.
Toch ... ja toch zal ik blij zijn als ze weer thuis is. Je hoort soms van die verhalen over vreemde avonturen.
Koud en verkleumd terug van Appelpop,
maar ...
nooit meer onder de douche,
want ...
bij gebrek aan papiertje voor handtekeningen
staan de bandleden van Kensington "voor eeuwig" op haar arm.
In de zomer
van 2010 was Merel met wat klasgenoten naar het zwembad in Eindhoven, de
Tongelreep. Lekker een dagje lol maken, op de fiets en dan wel een omweg via
school want een andere route kenden ze nog niet.
Rond 16.00
uur begon de lucht in Veldhoven te betrekken, het was al geruime tijd erg warm
geweest en fikse onweersbui leek niet zo vreemd. Toen het rond 16.30 uur toch
wel erg donker – zeg maar pikzwart – werd, pakte ik toch wel enigszins ongerust
de telefoon. Ze nam direct op en ik vroeg waar ze was. Ze bleek net aangekleed
en was klaar om te vertrekken en vroeg “hoezo?”. Ik vertelde dat er een flinke
bui onderweg was en het schaap vroeg “waar dan”? Nou die was dus vanuit Veldhoven
onderweg precies haar kant op. Ik drukte haar op het hart dat ze vooral niet
onder bomen mocht schuilen als het zou beginnen te onweren of als de
blikseminslagen te dichtbij leken te komen. Desnoods moest ze maar een groot
gebouw opzoeken of ergens aanbellen.
Amper een
paar minuten later werd het stil … zo’n stilte waarbij je voelt dat er iets
gaat gebeuren. Zelfs de vogels zwegen. Marieke en Martijn waren thuis en toen
het vlak daarna begon te waaien (nou ja, waaien …) vertelde ik hen dat nu
ergens regende en dat het bij ons ook wel eens heel hard kon gaan regenen. Heel
verbaasd waren ze, hoe weet mama dat nou weer? Ik had het nog niet gezegd of volle
badkuipen leken te worden omgekeerd. Heel kort daarna begon het zo hard te
waaien en te regenen dat we de schuur – een paar meter achter het huis – amper
nog konden zien.
Voordat Annemarie naar
Athene vertrok, ruilde ze Voorschoten in voor ‘de grote stad’ en ik ging voor
het eerst op bezoek. Ze woonde in de tweede Jan van der Heijdenstraat in de
Pijp, Amsterdam Oud-Zuid en had me verteld hoe ik daar moest komen. De
routebeschrijvingen van Annemarie zijn goed, ze had me ooit al eens naar
Griekenland genavigeerd met een paar steekwoorden en een tekeningetje van hoe
het dorpje aldaar eruit zag en dat was ook gelukt. Dus haar stulpje in Amsterdam
moest ook ik kunnen vinden.
Vanaf het eerste moment dat vriendin Annemarie in Athene
woonde, ging ik bij haar logeren. In het voorjaar van 1991 pakte ik flink uit
en bleef drie volle weken. Het was eind april/begin mei en het was warm voor de tijd van het jaar. Het
was het jaar waarin ik van een ondergewicht doorschoot naar een overwicht. In
anderhalf jaar kwam ik twintig kilo aan.
Toch wel lichtelijk gespannen ging ik gisteren naar het
ziekenhuis. Met de eerste vier kuren achter de rug, was het moment aangebroken voor
de tweede serie van vier kuren. Een nieuwe serie met dus een andere inhoud en
dus ook andere/meer bijwerkingen. Maar vooral de stap waarmee ik definitief
over de helft van de chemo ben gekomen.
Sanne kwam omdat wij vonden dat
Boris eenzaam was tijdens onze afwezigheid door werk. Omdat ik Boris had uitgekozen, vond Gert-Jan dat hij recht had op de keuze van een levensgezel voor Boris. Het werd een boxer. Hij was opgegroeid met boxers en een boxer zou het worden. Ik had mijn reserveringen. In mijn jeugdjaren hadden we een boxer die woonde om de hoek. Ik vond dat maar een eng beest.
Gert-Jan was onvermurwbaar en bij gebrek aan afbeeldingen en met op basis van een advertentie uit de krant met "mooie boxer-pup met stamboom" togen we naar een boerderij in Uden. Daar hadden ze nog een boxertje, een teefje. Ze was de laatste uit het nest en was al twaalf weken.