Posts tonen met het label dochters. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dochters. Alle posts tonen

zondag 6 november 2016

Ik ga op vakantie en neem mee …

Nee dit is geen idiote actie voor de bewustwording van welke ziekte dan ook, hooguit bewustwording van het feit dat je niet je dochters moet betrekken bij het inpakken voor een vakantie dochters …


Waar mijn peettante het hele jaar door oude en versleten kleren bewaarde om ze mee te nemen op vakantie ging dat er bij ons anders aan toe. Tante pakte oud spul in, van sokken en onderbroeken tot de bovenkleding. Aan het einde van de vakantie gooide tante alles pardoes in de afvalemmer. Behalve de versleten kleding gooide ze ook het versleten beddengoed en dito handdoeken in dezelfde afvalbak. Zo kwam ze thuis zonder een enkel stuk vuile was.


zaterdag 14 september 2013

Zotte avonturen - geen paniek! Merel is naar Appelpop in Tiel

Als One Direction had opgetreden, was ze direct naar de Tattoo shop gegaan om een paar handtekeningen te laten vereeuwigen. Pfff, loopt het toch nog goed af.

Vandaag (14 september 2013) moest ik op het laatste moment Merel naar het station in Eindhoven brengen. De bus reed niet op het tijdstip dat ze met haar vader had uitgezocht.
Ze is voor het eerst naar een festival. Ze is naar Appelpop in Tiel met vriendinnen van school. Haar vriendinnen boffen met een meisje zoals zij. Met een gerust hart laat ik haar gaan. Het moet gek lopen als haar avonturen in de buurt gaan komen van mijn zottigheden. Het komt wel goed met haar.

http://www.appelpop.nl
Eerlijk gezegd heb ik geen verstand van festivals en had dan ook nog nooit van Appelpop gehoord. Toen we het programma bekeken, zag ik mijn jeugd voorbij komen. Madness zou er optreden. Ik zocht een filmpje op youtube en liet mijn dochters horen hoe zij ooit "Baggy Trousers" zongen. Met hun reactie voelde ik acuut de jaren tellen. We worden oud. De meiden kwamen niet meer bij van het lachen om de aparte bewegingen van de band. 


Op de een of andere manier wordt een onschuldig uitstapje bij mij al gauw een avontuur met komische, vreemde of zelfs bizarre wendingen. Ik ben er niet bang voor dat Merel zich ooit net als ik zichzelf opsluit in een pakhuis (Verdwaald in de pijp, opgesloten in een pakhuis. Evenmin zal ze ooit zo suf zijn als haar moeder met vriendin om twee keer dezelfde boot te missen De boot gemist. Ik ben er al helemaal niet bang voor dat ze op een dag, ook al net als haar niet altijd oplettende moeder, bij een vreemde in de auto zal stappen Carpoolen? Doe mij maar de bus!.


Eén keer heb ik me grote zorgen gemaakt. Toen was mijn meisje onderweg vanuit het zwembad in Eindhoven. Vanaf Veldhoven reed zij op de fiets met een vriendin regelrecht een windhoos in. Maar ook toen liep het goed af. Mijn meisje heeft beduidend handiger genen dan haar moeder: Mama in paniek: Merel in een windhoos.

Nog niet een keer heb ik de neiging gehad om haar te bellen, of een berichtje te sturen. Ik vind haar stoer. Ondanks alle regen is ze gegaan. Ze is geen feestbeest en al helemaal geen party animal. Maar haar vriendinnen verheugden zich er gigantisch op en zij wilde niet afhaken.

Ze is af en toe verstrooid. Onlangs liet ze nog haar gsm in de trein liggen. Een assertief vriendinnetje belde direct haar nummer en legde contact met de eerlijke vinder aan de andere kant van de lijn. Gisteren werd ze aangeklampt door een meisje dat huilend vertelde dat ze haar telefoon in de bus had laten liggen. Merel is de beroerdste niet en belde het nummer van het meisje. Tot grote opluchting ging vervolgens een gsm af in haar eigen tas. Merel vertelde het meisje dat ze mazzel had en dat zijzelf laatst haar gsm in de trein had laten liggen maar vertelde er wel bij dat ook dat goed was afgelopen.

Toch ... ja toch zal ik blij zijn als ze weer thuis is. Je hoort soms van die verhalen over vreemde avonturen.

Koud en verkleumd terug van Appelpop,
maar ...
nooit meer onder de douche,
want ...
bij gebrek aan papiertje voor handtekeningen
staan de bandleden van Kensington "voor eeuwig" op haar arm.

zondag 8 september 2013

Mijn trouwdag was mijn ouders' "Grote dag"

Jammer dat Marco Borsato zijn mooiste nummer niet al had geschreven toen ik in 1996 trouwde. Ik was een papa's kindje en hij en mama waren minstens zo trots op mij. Als papa in die jaren niet al behoorlijk last van zijn longen had gehad en een groot deel van zijn stembereik was kwijtgeraakt, zou hij ongetwijfeld voor mij hebben gezongen: Marco Borsato: Dochters. Want ja, ook mijn papa kon heel mooi zingen.



donderdag 2 mei 2013

Moederliefde en One Direction in Antwerpen

Na een half jaar aftellen, afstrepen op de kalender en zelfs een countdown op onze gsm’s was het eindelijk zo ver. Onze dochters gingen naar het concert van One Direction in Antwerpen. Morgen treden de jongens op in Amsterdam. Liefst gaan ze daar naartoe om een glimp van hen op te vangen.




zondag 21 april 2013

Slaapliedje


Onze oudste dochter sliep vooral overdag. Maar als ze wakker was, dan kon ze behoorlijk lawaai maken. Ze krijste wat af en wij als ouders probeerden van alles om haar te troosten en te kalmeren maar vooral liefst in slaap te krijgen. Vandaag las ik via Twitter dat Japanse onderzoekers hebben vastgesteld dat baby’s rustig worden als je met ze gaat lopen. Ja, dat weten we allemaal en hebben we ongetwijfeld allemaal uitgeprobeerd. Vertel eens wat nieuws.

zondag 18 november 2012

Gezinsleven - Titje de Kloon en andere knuffels

De meeste kinderen hebben wel een favoriete knuffel. Soms worden ze al vroeg losgelaten maar vaak gaat zo’n knuffel járen mee. Bij het ene kind mag de knuffel absoluut niet gewassen worden. Dan brengt ieder contact je tot kokhalzen van de lucht die het met zich meedraagt. Bij het andere kind is een fris luchtje na een noodzakelijke wasbeurt geen enkel probleem.

 Merel en Titje

 

zondag 30 september 2012

Gezinsleven - Roze wolk


Toen onze dochter werd geboren, wist ik van toeten noch blazen. Stiekem wilde ik een kind dat al negen maanden zou zijn. Dat leek me veel makkelijker. Ik had nooit opgepast, een flesje klaargemaakt of een luier verschoond.

De enige baby ervaring op mijn curriculum vitae was ons buurjongetje van drie weken oud. Zijn moeder, vader en zusje van vier lagen met een extreem zware griep in bed. Als hij ook de griep zou krijgen, was de afloop onzeker.

Mijn moeder was kordaat en nam de baby onder haar hoede. Hij bleef tien dagen. Mijn zusje en ik vonden het geweldig. Op een dag vroeg ik mijn Duitse leraar of ik naar huis mocht om mijn buurjongen in bad te doen. Ik was vijftien. Toen ik vertelde dat hij drie weken oud was, mocht ik direct gaan. Na tien dagen kreeg onze buurvrouw nachtmerries dat ze haar baby moest delen. Haar man kon de zorg inmiddels enigszins overnemen en mijn moeder gaf ondersteuning.

Tijdens mijn zwangerschap maakte ik mij druk over de gebruikelijke dingen. Zou ik het allemaal wel goed doen? Was ik wel geschikt moedermateriaal? Zou de borstvoeding wel lukken? Zou het kindje niet allergisch zijn voor onze honden?

Na het zien van een reclamespotje op tv waarin een moeder en dochtertje “theetje dronken”, sloegen mijn hormonen op hol. Ik MOEST een dochter. Niets bracht mij van die obsessie af.

Tegen het einde van de zwangerschap volgde paniek. Ik was bang dat ik een dochter zou krijgen maar dat ze iets zou mankeren.

Op één ding was ik niet voorbereid: slaapproblemen. Al in de eerste nacht in het ziekenhuis werd ik gewekt door de nachtzuster. Ze kwam mijn dochter afleveren. “Ze wil haar moeder”, zei ze. Toen we de volgende nacht in ons eigen bed lagen, begon het feest pas goed. Drie weken lang huilde ze van 22.30 uur tot 6 uur in de ochtend.

Hysterisch liep ik met haar door het huis terwijl manlief probeerde te slapen. Ik gilde “slaap kindje slaap”. Overdag: dan sliep ze, zeven uur aaneen.

Ondanks de slaapproblemen leefde ik op een roze wolk. Ik had een dochter, en wat voor een. Ze was de allermooiste van de hele wereld. Het was eind november en slecht weer maar ik wilde naar buiten en bij iedereen aanbellen om haar te laten zien.

Toen ik een paar maanden later met haar in de draagdoek de honden uitliet, vroeg een meisje van een jaar of vijftien of ze mijn baby mocht zien. Natuurlijk mocht dat. Haar reactie “Oh, zelden heb ik zo’n mooie baby gezien” verbaasde mij niet. Ze sprak immers niets dan de waarheid.

Toen ze een maand of zeven was, volgde een tweede zwangerschap. We kregen nog een dochter. Deze dame gaf ’s-nachts weinig problemen. Zij besloot al snel gewoon de héle dag wakker te blijven. Dit zorgde ervoor dat ik ook overdag niet meer de kans kreeg om bij te tanken.

Tweeëneenhalf jaar na de geboorte van ons eerste kind raakte ik ongepland zwanger. Doodmoe was ik, vooral door al het slaapgebrek. Rond die tijd werd dochterlief ’s nachts acht keer huilend wakker. Het liep uit de hand.

Op een dag gingen we ’s morgens de trap af. Zij voorop en ik erachter met onze tweede dochter op de arm. Er flitste een gedachte door mijn hoofd. “Als ik haar nu een duw geef, ben ik er van af. Dan sluiten ze me op, maar dan mag ik vast wel slapen”. Ik voelde me zo schuldig, vooral ook omdat ik begrip had voor ouders die hun kindjes mishandelen of door elkaar schudden. Ik vertelde het mijn man en we gingen naar de huisarts. Het kon niet langer zo. Maar en oplossing kwam niet direct.

In het ziekenhuis werd ze uitgebreid onderzocht. Lichamelijk bleek ze natuurlijk niets te mankeren. Er kwam een soort maatschappelijk werkster in huis, die concludeerde dat ik maar naar de psycholoog moest, dan zou zij wel gaan slapen. Dat ging er bij mij niet in. Ik was labiel, natuurlijk, ik werd al tweeëneenhalf jaar elke nacht wakker gehouden en bovendien was ik inmiddels zwanger van ons derde kind. Dat ging ook niet zonder stress.

Een niet helemaal geplande zwangerschap waarbij ik er vanaf het moment van conceptie van overtuigd was dat het dan wel een jongetje moest zijn. Blijkbaar hoorde er nog een jongetje in ons gezin te komen. Ook bij de tweede zwangerschap had ik dwangmatig de voorkeur uitgesproken voor een dochter. Ik kon me niet voorstellen wat ik met een jongetje zou moeten doen.

Tijdens deze zwangerschap speelde nog een zware stressfactor mee, namelijk de mogelijkheid dat ik draagster kon zijn van een gen dat bij mijn oudste broer voor de spierziekte ‘SMA’ (spinale musculaire atrofie) heeft gezorgd. Wat als onze kinderen deze spierziekte zouden krijgen? Voor die tijd dachten wij dat hij een vorm van spierdystrofie had waarbij meisjes het gen dragen en jongens de ziekte kunnen krijgen. Met twee dochters waanden wij ons veilig. In die periode werd ons duidelijk wat SMA was en dat meisjes dit net zo goed konden krijgen. Onze jongste dochter viel constant, had altijd kapotte knieën. Ik vreesde dat zij een zwaardere vorm zou hebben dan mijn broer. Bij hem openbaarde de ziekte zich in zijn latere puberteit. Onze dochter was zestien maanden oud. DNA-onderzoek volgde. Later zou blijken dat dit te maken had met het feit dat ze meer wilde dan dat ze kon. Noem het maar ADHD.

Uit het DNA-onderzoek, dat met spoed werd afgehandeld vanwege mijn zwangerschap, bleek dat ik geen draagster was van het SMA-gen.

Dat ik dus een beetje labiel was toen die maatschappelijk werkster in huis kwam, was niet zo vreemd. Er was namelijk ook nog een verbouwing van de keuken gaande, waarbij mijn man net het nieuwe aanrechtblad had laten vallen en breken. Dit gebeurde toen hij het gat voor de wasbak had gezaagd. Het blad lag op twee schragen en mijn hulp was niet nodig. De maatschappelijk werkster trof mij in tranen en bombardeerde mij tot psychologenvoer.

Ik weigerde naar de psycholoog te gaan en wij kwamen op een wachtlijst voor video-hometraining. Bij het intakegesprek vertelde de desbetreffende dame dat ze niet verwachtte dat deze training ging helpen. Zelf had ze, zo vertelde ze, veel baat gehad bij een boekje: “Kinderen met slaapproblemen” van Ruttien Schregardus. In het boekje garanderen ze dat, als je de aanwijzingen opvolgt, een (gezond) kind binnen de doelgroep van 6 maanden tot 6 jaar binnen twee weken doorslaapt. Het boekje werd gekocht en het ongelooflijke gebeurde al na vijf dagen. We hadden nog niets eens de buren hoeven te waarschuwen zoals in het boekje werd geadviseerd. Waarschuwen dat je ’s nachts niet bij je kindje gaat kijken, dat het moet leren slapen en dat je het dus niet ‘aan het mishandelen bent’.

We waren nog bezig met het traject van de eerste week ‘het gedrag overdag’. ’s Morgens werden we in paniek wakker. Ik durfde niet te gaan kijken. Wiegedood, ik was er van overtuigd. Vanaf dat moment sliep ze vrijwel elke nacht door. Dit jaar wordt ze zestien. Ze kan een gat in de dag en verder slapen, net als toen ze een baby was. Regelmatig zie ik op Twitter dat ze behoorlijk laat nog actief is geweest. Maar mij heeft ze er gelukkig niet meer bij nodig.

Behalve toen we laatst via Twitter vernamen dat haar matras een aanslag pleegde op haar rug. De springveren van haar matras staken omhoog. Wij haalden een super-de-luxe bodem en matras en dochterlief gaat nu door het leven als Doornroosje.

vrijdag 11 mei 2012

Gezinsleven - Verlatingsangst: Mamaaa!! ... er zit een krokodil in de kamer!!!

Door de jaren heen verzamel je de meest hilarische uitspraken van je kinderen. Af en toe denk je bij jezelf "die moet ik opschrijven, want stel je voor dat ik die vergeet!". Maar sommige zijn té leuk om te kúnnen vergeten. Die zullen we ons nog herinneren als we in een verzorgingshuis zijn weggestopt door onze eigen kinderen.

Er waren er veel in vele varianten, vrolijk, grappig, verdrietig. Martijn (toen een jaar of twee) vroeg ooit om een schone luier, want zijn “piloot” was gegroeid en de luier zat vol met plas. Voor zijn piloot was geen plaats meer.

Toen Merel amper zes was vertelde ze aan wie het wilde horen dat “mama een knolletje in haar borst had”. Wel jammer dat er elf jaar later opnieuw een knolletje is opgedoken. Maar deze gedraagt zich vooralsnog als een lief braaf gevalletje dat doet wat hem/haar wordt opgedragen: verhongeren, krimpen en verdwijnen.

Rond de tijd dat Martijn werd geboren, had Merel een periode van verlatingsangst. Ze haalde alles uit de kast om maar bij mij in de buurt te blijven. Zodra ik uit haar gezichtsveld was, begon ze te huilen. “Mijn mammietje is weg, mijn mammietje komt niet meer terug”. Gek werd ik er van, zelfs een rustig toiletbezoek zat er niet meer in.

In die jaren stond onze wasmachine nog op zolder. Als er een machine leeggehaald moest worden, moest en zou ze mee naar boven. Als ik een uurtje of wat later naar zolder toog in de veronderstelling dat de wasmachine wel klaar zou zijn, kon ik er donder op zeggen dat een van de meiden nog net op de knop had weten te drukken en dat er dus helemaal geen draai was klaar was. Dan stond de machine in sluimerstand. Gevolg was dat de dames natuurlijk niet meer mee mochten naar zolder. Ze bleven beneden achter het gesloten traphekje.

Maar een meisje van drie met verlatingsangst haalde natuurlijk alles uit de kast om de aandacht van haar moeder te krijgen. Dat haar vader net thuis was van zijn nachtdienst en heerlijk lag te slapen ... tja, daar had mevrouw geen boodschap aan. Met haar kleine zusje stond ze achter het traphekje en ze gilde vanuit haar tenen de uitspraak die sindsdien altijd op nummer één is blijven staan in onze lijst van meest hilarische uitspraken aller tijden.

Ik was amper boven toen ik hen aan het traphekje hoorde rukken en rammelen. Voordat ik boos kon worden omdat ze haar vader wakker gilde, begreep ik het gevaar waarin mijn kleine meisjes verkeerden.



Vandaag (12-9-2013)
kreeg ik deze tekening van Merel als eerste cadeautje voor mijn verjaardag.“Mamaaa!! Er zit een krokodil in de kamer!!!”
Als ik voortaan een illustratie nodig heb, weet ik waar ik moet zijn.