donderdag 3 november 2011

Kindervoetjes worden reuzeschuiten

Sponsor gezocht

Martijn, onze jongste zoon, heeft altijd al grote voeten gehad. Nog toen hij in de wandelwagen werd rondgereden, klaagde hij al eens dat zijn schoentjes niet fijn zaten. Bij controle in de schoenenwinkel bleken ze alweer (hè, ze zijn pas drie weken oud) te klein te zijn en wel twee maten …

Fijn, dus maar weer nieuwe schoenen gekocht. Door de jaren heen, Martijn is nu 11, is hij nu beland bij maat 42 1/2 ofwel groter dan die van mama en papa. Waar zullen we uiteindelijk uitkomen? Waar meisjes nog wel eens wat langer met hun schoenen doen – zolang ze er natuurlijk niet uitgroeien – is dat bij een mega-actief mannetje anders. Nieuwe schoenen aan naar school is al niet zo’n strak plan. In alle speelkwartieren en als hij overblijft ook in de middagpauze wordt er natuurlijk gevoetbald. Je wilt niet weten hoe die “goede” schoenen er dan na een paar dagen uitzien. Op het moment dat je besluit nieuwe schoenen te kopen voor het kind omdat die oudjes er toch echt niet meer uitzien en dan hem op het hart drukt de oude schoenen nog maar even tijdens de speelmomenten aan te trekken, heeft dat laatste dus tot gevolg dat hij de oude schoenen blijft dragen (zolang de tenen niet opgekruld zitten en het echt pijn gaat doen).

Zo is het paar nette schoenen dat drie jaar geleden werd aangeschaft “ter gelegenheid van de begrafenis van opa” – want zeg nou zelf, hij kan toch niet naar een begrafenis op zijn “voetbalsloffen” – na een aantal maanden in de container voor hergebruik beland omdat ze simpelweg niet meer pasten – en weet je nog, hij mocht er vooral niet op voetballen. Tja, hij voetbalde de hele dag door.

Op zijn vijfde begon Martijn met voetballen bij een club in Veldhoven. Hij heeft al aardig wat sloffen versleten (nou ja, ze waren vaak en snel te klein – als de noppen dan half versleten waren verzuchtten we dat hij ze tenminste goed gedragen had). Inmiddels is hij fanatiek tennisser en daar bleek hij bij de eerste training al nog goed in te zijn ook.

Al met al zijn dat nogal wat schoenen zo door het jaar heen. Sommige exemplaren kunnen gelukkig gecombineerd worden want voor de gymles op school kun je natuurlijk best dezelfde schoenen aan als die je bij een tennisles op een binnenbaan aantrekt. Zolang we er maar op letten dat het profiel niet afgeeft.

Gelukkig is hij inmiddels met voetballen gestopt, dat scheelt wat schoenen. Want, dan heb je natuurlijk nog voetbalschoenen voor tijdens het “echte” voetballen nodig. Die zijn anders dan die je als straatvoetballer gebruikt – hij heeft wat Ronaldinho’s versleten, ‘hebben daar echt noppen gezeten’? vroeg ik mij vertwijfeld af na een paar maanden weer eens de vraag te krijgen van nieuwe schoenen – en voor tennissen op de buitenbaan (gravel in zijn geval) heb je ook weer andere schoenen nodig.

Een beetje economisch handelend en shoppend kun je natuurlijk op de uitverkoop afgaan. Maar dan moet je wel op tijd zijn met gangbare maten. Gelukkig is Martijn daar inmiddels uitgegroeid. Hij is überhaupt uit de kindermaten gegroeid. O schrik, herenmaten zijn een veelvoud duurder.

Wat het nog lastiger maakt, is dat de wondervoeten van Martijn niet gelijk zijn. De rechtervoet is altijd al een volle maat groter geweest dan de ander. Inmiddels weten we dat dit onder andere komt doordat hij platvoeten heeft en niet zomaar een beetje. Vooral zijn rechterenkel raakt aan de binnenkant nog net niet de grond. Mede daardoor is die voet dus een centimeter of wat langer dan de ander. Steunzolen dus voor meneer. Dat maakt schoenen kopen nog moeilijker. Die zolen moeten er in passen. Bij duurdere schoenen kun je vaak de binnenzool eruit halen en vervangen door de steunzool. Maar ja, dan dus wel duurdere schoenen en als hij uit zijn voetbalschoenen blijkt te zijn gegroeid, betekende dit dus meestal dat hij ook uit al zijn andere schoenen was gegroeid. We tonen het oude boodschappenlijstje:
  • Voetbalschoenen voor in de zaal (= geschikt voor steunzolen èn de gymles èn de tennisles) 
  • Voetbalschoenen voor op het voetbalveld 
  • Tennisschoenen voor op de gravelbaan (‘niet zeuren Martijn, die moeten ook maar goed genoeg zijn voor op eventueel kunstgras en hardcourt wat je tijdens wedstrijden en competitie tegen kunt komen – als je net zo goed bent als Nadal, dan kun je schoenen voor iedere ondergrond kopen’) 
  • Zijn we er? Oh nee, ook nog schoenen voor dagelijks gebruik, ‘denk er om jongen, zuinig op zijn! Straks ben je er weer uitgegroeid en kan iemand anders er nog plezier aan beleven’. 
  • Inmiddels heeft Martijn aangepaste steunzolen, de een is een centimeter dikker dan de ander want door die doorgezakte rechtervoet blijkt zijn rechterbeen ook een centimeter korter dan het linkerbeen.
Deze zomer liep hij na zijn tweede tenniswedstrijd van die dag te klagen ondanks de winst. Zijn voet deed pijn, zijn schoenen zijn te klein. Bij controle bleek de binnenkant van de rechterschoen inderdaad slijtage te tonen bij de hiel. Hij drukt er tegenaan. Schrik, dan moeten we weer een hoop schoenen kopen. Wat blijkt? Dit keer alleen tennisschoenen voor binnen en buiten. Deze blijken anderhalve maat kleiner te zijn dan zijn “gewone” schoenen. Het staat er echt, ik zie het goed USA 7 en zijn dagelijkse exemplaren daar staat 8,5 in … Zouden we niet voor de zekerheid nog even langs de podotherapeut gaan om te checken of de steunzolen nog wel groot genoeg zijn? Als die vervangen moeten worden, kunnen we ons rondje langs de schoenenwinkels hervatten, dan passen de zolen niet meer in de schoenen en die zolen, die worden maar één keer per twee jaar door de verzekering vergoed.

Dus, ‘Martijn, luister goed: voortaan doe je twee jaar met al je schoenen en zolen, begrepen? Ga maar op de bank zitten met je Xbox360 of ga maar computeren, dan slijten je schoenen niet zo hard’. Inmiddels gaat hij nog meer tennissen en zal de slijtage aan de schoenen wel evenredig toenemen. We gaan maar sparen ...

Geen opmerkingen :

Een reactie plaatsen